Sta ik op of zwijg ik? | Rijssen-Holtens Nieuwsblad


<p>Jan Noeverman</p>

Jan Noeverman

(Foto:)
Muskathjan

Sta ik op of zwijg ik?

  Nieuwsflits

Bij de nationale herdenking van de Kristallnacht in Amsterdam erkende de protestantse kerk schuld tegenover de Joodse gemeenschap voor het handelen voor, tijdens en na de Tweede Wereldoorlog. Schuld omdat de protestantse kerk bijgedragen heeft aan een klimaat van antisemitisme. Ds. de Reuver, scriba van de PKN, zei: “Wij schoten tekort in spreken en zwijgen, in doen en laten, in houding en gedachten.” De schuldbelijdenis tegenover de Joodse gemeenschap werd op zondag 15 november ook in de kerkdiensten van mijn eigen kerkelijke gemeente uitgesproken. Het maakte op mij een diepe indruk.

De gebedsvlog van Open Doors heet: “één kerk, één familie”. Het wijst mij erop dat de 260 miljoen christenen die wereldwijd lijden omwille van het geloof in Christus deel uitmaken van hetzelfde lichaam, van de ene kerk van Christus. Hoe ver weg zij ook leven: het lijden dat hen treft, treft mij als medechristen ook. Tegelijkertijd betekent “één kerk, één familie” ook dat ik verbonden ben met christenen en de kerk uit eerdere periodes. De schuld van de kerk, het nalatig handelen in het verleden, is ons, mij, als kerklid en christen aan te rekenen. Dat kwam bij mij wel binnen, nu ik mij elke week verdiep in het lijden van de vervolgde kerk.

Veel christenen worden buitengesloten, achtergesteld, door familie of gemeenschap verstoten of bedreigd, gemarteld of gedood. Zo ook in Libië, het land op nr. 4 van de Ranglijst Christenvervolging. In Libië wonen naar schatting ruim 36.000 christenen. Dat is minder dan 1% van de bevolking. De meeste van deze christenen zijn migranten uit Sub-Sahara Afrika. Officieel mogen zij kerkdiensten houden, maar lopen dan gevaar met geweld door militante moslimgroeperingen geconfronteerd te worden. Libische christenen zijn er bijna niet in het land. In Libië geldt geen vrijheid van meningsuiting, geen gelijke behandeling van christenen, geen erkenning van de kerk en een verbod om kerken te bouwen. Christelijke migranten worden gediscrimineerd en velen van hen zitten in gevangenkampen nadat ze opgepakt zijn in een poging te vluchten naar Europa. Veel anderen zijn in handen gevallen van mensenhandelaren. Ze worden als slaaf verkocht, moeten dwangarbeid verrichten of worden in de prostitutie gedwongen.

Via de Muskathlon mag ik aandacht vragen voor hun situatie en het werk van Open Doors. Het is één ding om als christen aandacht te vragen voor het onrecht dat christenen wereldwijd wordt aangedaan. Het is nog wat anders om oog te hebben voor het onrecht dat de kerk anderen aandoet of aangedaan heeft, of oog te hebben voor onrecht waarvoor de kerk haar ogen en mond sluit. De schuldbelijdenis tegenover de Joodse gemeenschap maakt deze andere kant pijnlijk zichtbaar.

Het gaat dan ook niet meer alleen over wat er 75 jaar geleden is gebeurd, maar het gaat over de houding van de kerk, van kerkmensen en van mijzelf, tegenover discriminatie, uitbuiting, geweld en onrecht, toen en nu. Hoe ga ik als christen om met onrecht in de wereld? Sta ik op, kom ik op voor minderheden, of zwijg ik en wacht ik af?

Jan Noeverman doet in oktober 2021 mee aan de Muskathlon in Zuid-Korea. In deze krant schrijft hij regelmatig over zijn voorbereidingen en de vervolgde christenen in Noord-Korea. 

Muskathjan

Meer berichten