Logo rijssen-holtensnieuwsblad.nl


Exterieur Gereformeerde Gemeente Grand Rapids. Bron: L. Vogelaar.
Exterieur Gereformeerde Gemeente Grand Rapids. Bron: L. Vogelaar. (Foto: Bron: L. Vogelaar)

De Kléane Koarke 82: 'Met gedeelde gevoelens heb ik dit ontvangen'

door Robert van Kralingen

In het voorjaar van 1960 wordt er bij ds. Blok een leverkwaal vastgesteld en wordt hem volkomen rust voorgeschreven. Gedurende vier maanden verricht hij geen enkele ambtelijke arbeid. Als de mensen hem in die tijd vragen hoe het gaat, antwoordt hij: "Onvolmaakt goed. Het volmaakte komt straks Boven." Op 4 september gaat hij voor het eerst na zijn ziekte weer een keer in de gemeente voor. Hij bedient daarbij het Woord uit Psalm 119:75: "Ik weet, Heere, dat Uw gerichten de gerechtigheid zijn, en dat Gij mij uit getrouwheid verdrukt hebt." Tijdens zijn ziekte heeft hij de Heere beloofd over deze tekst te zullen preken als hij weer op de kansel mag komen. Opgemerkt wordt dat de Heere Zijn volk soms uit zorg en liefde verdrukt. Door de gemeente wordt aangevoeld dat dit geen beschouwing is, maar beleving! Vanaf die tijd mag hij van zijn arts weer één keer per zondag in de gemeente voorgaan. Als hij een maand later echter op controle moet, krijgt hij het dringende advies om emeritaat aan te vragen. Met tranen in de ogen moet hij deze boodschap aanhoren. Intens bedroefd stelt hij de kerkenraad van het doktersadvies op de hoogte. Met evenveel verdriet besluit de kerkenraad de classis te verzoeken ds. Blok emeritaat te verlenen. Op 25 oktober 1960 buigt de classis zich over dit verzoek. Behalve dat ds. Blok tijdens deze vergadering iets over zijn gezondheidstoestand meedeelt, merkt hij op dat hij 'nog gaarne in 's Heeren wijngaard werkzaam zou willen blijven, maar anderszins zich volkomen met 's Heeren beschikking over hem in dezen heeft mogen verenigen en zich geheel aan 's Heeren handeling met hem heeft onderworpen'. Met algemene stemmen wordt besloten hem per 1 januari 1961 emeritaat te verlenen. Op verzoek van ds. Blok wordt aan het einde van de vergadering Psalm 119:13 gezongen.

Nadat de emeritaatsaanvrage is gehonoreerd, besluit de kerkenraad het beroepingswerk weer ter hand te nemen. Nog diezelfde maand wordt er een beroep uitgebracht op ds. J. van Haaren te Kampen. Hoewel ds. Blok hem elke dag opbelt, heeft ds. Van Haaren geen vrijmoedigheid het beroep aan te nemen. Begin december gaat er een beroepsbrief uit naar ds. W.C. Lamain te Grand Rapids.  In een brief aan de kerkenraad reageert ds. Lamain op het ontvangen beroep: "De God Die in Zijn Woord zegt: Mijn raad zal bestaan en Ik zal al Mijn welbehagen doen, gedenke u en ons en schenke genade om Zijn wil en weg te kennen en onder al Zijn soevereine handelingen te buigen. Juist toen ik mij gereedmaakte om op reis te gaan naar Kalamazoo om op den dag vanmorgen D.V. de sacramenten te bedienen, kreeg ik Uw beroep en zal nog trachten enige regelen aan u te schrijven. Met gedeelde gevoelens heb ik het beroep ontvangen. Ik ben er zeer erkentelijk voor. Dat na zoovele jaren dat we van elkander gescheiden zijn er nog een begeerte is om den herdersstaf in u midden op te nemen."

reageer als eerste
Meer berichten