Logo rijssen-holtensnieuwsblad.nl


Auto's verschijnen op De Haar in Rijssen.
Auto's verschijnen op De Haar in Rijssen.

De Kléane Koarke: 'Den kan wal vuur miej bid'n'

door Robert van Kralingen

Op 82-jarige leeftijd overlijdt ouderling J.D. Bruggink op 18 februari 1923. Zowel in de Nederlandse Hervormde Kerk als in de Walkerk en de Eskerk heeft hij de gemeente in het ambt gediend. Jan Derk Bruggink, in de volksmond ''n ooln Jan brung'k' genoemd, wordt op 20 december 1840 geboren te Rijssen. Omdat zijn ouders tot de Nederlandse Hervormde Kerk behoren wordt Jan Derk daar ook gedoopt. Jan Derk groeit op in de Elsenerstraat, waar zijn ouders een eenvoudig Saksisch huis bewonen. Evenals vele andere inwoners van Rijssen behoren zij tot de 'geringen stand'. Met wat landbouw en veeteelt proberen zij het hoofd boven water te houden. Daarnaast houden ze zich bezig met het bakken van steen en het maken van turf. Vooral het bakken van steen is zwaar lichamelijk werk. Als 's zondags Psalm 68:6 wordt aangeheven: 'Al laagt g', o Isrel, als weleer, gebukt bij tichelstenen neer, toen gij uw juk moest dragen', roept dat bij menigeen gevoelens van herkenning op.
Op 2 mei 1863 trouwt Jan Derk met Janna ten Brinke. Zij krijgen vier kinderen. Op welke wijze hij tot bekering is gekomen is niet bekend. In 1875 sluit Jan Derk zich aan bij de Walkerk. Drie jaar later wordt hij gekozen tot ouderling. In 1882 verlaat hij de Walkerk en wordt lid van de Eskerk. Daar wordt hij al spoedig gekozen tot ouderling. In die hoedanigheid geniet hij grote achting. Een sprekend voorbeeld daarvan is het verzoek van 'de oude Schuurman', die ernstig ziek is en voelt dat zijn levenseinde nabij is. Tegen zijn omstanders zegt hij: Nee, de pastoor is miej niks waerd, haalt Jan Brung'k maer op. Den kan wal vuur miej bid'n'. Als Bruggink ouder wordt, laten zijn gedachten hem steeds vaker in de steek. Meer dan eens verdwaalt hij in zijn omgeving en moeten ze hem uit het veen halen. Voor onbetamelijke woorden en vreemde uitdrukkingen wordt hij echter bewaard. In het ambtelijke leven is van zijn dementie aanvankelijk niets te merken. In de consistoriekamer doet hij gewoon het gebed en als hij in een leesdienst moet voorgaan, gebeurt dat op een stichtelijke wijze. Ook voor ds. M. Hofman is het een raadsel. Pas als hij hem een keer thuis heeft bezocht en daar met de werkelijkheid is geconfronteerd, kan hij accepteren dat Bruggink daadwerkelijk dementerend is. Ondanks zijn verwarde gedachten blijft Bruggink op geestelijk gebied nog lange tijd helder en zijn z'n woorden tot het laatste toe met zout besprengd. In de laatste nacht van zijn leven roept hij onophoudelijk: 'Het is door U, door U alleen, om 't eeuwig welbehagen. Op 18 februari 1923 mag hij zijn reisstaf neerleggen. Enkele dagen later wordt hij op de begraafplaats aan ''t Struetjen', de huidige Arend Baanstraat begraven.
In december 1923 ontvangt ds. Hofman een beroep uit Krabbendijke, dat door hem wordt aangenomen. Op 30 maart 1924 neemt hij afscheid van de gemeente.

reageer als eerste
Meer berichten